July 28th, 2010 door Rianne
veranda
Vermijd uit milieuoverwegingen de traditionele alkydharsverven en -lakken; de moderne acrylaat tuin- en buitenbeitsen op waterbasis voldoen goed, evenals die op basis van lijnolie. Toegangshekken aan de straatzijde, hetzij voor voetgangers, hetzij voor auto’s, zijn veelal rondde 1 meter hoog (voor hogere afmetingen hebt u toestemming van de gemeente nodig). Maak tenslotte de twee hoekschoren. Tenslotte, heeft een veranda een vloer nodig, of zal het eenvoudig staan op een betonnen of betegelde ondergrond. In plaats van leien kunt u ook dakpannen gebruiken; in het algemeen passen die beter bij de stijl van het huis. Voorzie alle houten onderdelen van twee lagen buitenbeits. De zeshoekige rozet is gezaagd van een blok hout van 100 mm dik en 100 mm breed, gemeten tussen twee tegenoverliggende vlakken. Elk stijlpaar draagt een spant en een schuinstaande schoor, terwijl de uiteinden van de spanten zijn verbonden met een raamwerk van lichte gordingen. Zaag de stijlen iets langer dan nodig is, zet ze definitief op hun plaats, schrijf de hoogtes af en zaag ze op lengte met de bovenkanten overeenkomstig de schuinte van het dakvlak. Om elk risico van stormschade te vermijden doet u er goed aan de bovenste rij pannen met een strook lood (een zogenaamde loodslabbe) af te dekken en deze op te nemen in de achterliggende constructie. Veel veranda hangen tussen gemetselde pilaren, soms alleenstaand, soms als een onderdeel van een bakstenen tuinmuur. Lijm voor het maken van de rozet twee stukken hout van 100 x 50 mm tesamen indien u geen hout van 100 mm dik kunt krijgen. Zonder twijfel is hout het meest gewilde materiaal. U kunt zich laten inspireren door geprefabriceerde modellen, door foto’s in tijdschriften, zelfs door historische boeken ingeval u een miniatuur Parthenon in uw tuin wilt hebben… Houten posten worden eveneens van voor behandeld zachthout of van eiken vervaardigd. Stenen Haren moeten minstens een steen dik zijn, ofwel 21 x 21 cm. Begin met het nauwkeurig uitzetten van de omtrek. Verder heeft elk dakpaneel twee extra gordingen, parallel lopend aan de zeshoekige omtrek, met tussenruimten gelijk aan eenderde en tweederde van de gordinglengte. Tenslotte, denk aan veiligheidssloten en dergelijke voor tuinhuisjes en schuurtjes. De vleugels van dubbele veranda kunnen elk een overspannings breedte hebben van 2 tot 3 meter.
July 19th, 2010 door Rianne
carport
Wanneer deze wandpanelen van de carport gereed zijn, zet dan de twee aangrenzende panelen op de rand van de vloer en spijker ze aaneen. Leg de eerste strook dakvilt of asfaltpapier in de lengte over het dakvlak, laat een stuk over de dakrand hangen en zet het vast met asfaltnagels. Betimmer daarna de zijwanden en laat daarvan de plankeinden over het kopshout van de kopwandplanken steken, zodat het kopshout beschermd wordt tegen het opzuigen van vocht. Tenzij u zo gelukkig bent een carport te bezitten met voldoende opslagruimte en parkeerruimte voor uw auto, hebt u in de tuin zeker carport nodig, althans een overdekt bouwwerk waarin u uw grasmaaier en ander tuingereedschap, zakken, meststoffen en al die zaken waarover een gemiddelde tuinier zoal beschikt kunt bergen. Betimmer eerst de kopwanden. In tegenstelling tot andere tuingebouwtjes heeft een berging beslist een vloer nodig. Keep de uiteinden passend voor de dwarsregels van 50 x 25 mm die de regels haaks houden wanneer u de eigenlijke vloer aanbrengt. Veel geprefabriceerde huisjes hebben een met hout beschoten plat dak, bedekt met dakvilt, asfaltpapier of golfplaten. Gezien de kosten zal dat zachthout zijn, waarbij het van belang is dat het vooraf onder druk is geïmpregneerd. Een simpele houten vloer op geïmpregneerde balken is alles wat er gevraagd wordt. Begin met het maken van de vloer. Spijker nu de overgebleven gordinkjes op de bovenkant van de wandpanelen en begin met het aanbrengen van de wandbetimmering voor de carport. Sluit uw berging dus altijd goed af. Vouw de onderranden van het dakleer of asfaltpapier over de randen van de dakplaten, niet ze op enkele plaatsen vast en werk ze daar af met een lat. Leg om de vloer droog te houden de balken op stroken dakleer of vergelijkbaar materiaal, gelegd op de betonnen basis onder het bouwwerk. Eventueel kunt u de ramen van dubbelglas voorzien en de deurkieren dichten met tochtstrippen. De kopwanden zijn vooraf voorzien van de geïntegreerde dakpunt betimmering, met de gordinkjes ingekeept in de bovenkanten van de wandstijlen. Zaag en bevestig twee panelen van waterbestendig spaanplaat of multiplex met schroeven op de gordinkjes. Alle verbindingen bestaan uit simpele halfhoutskepen, met lijm en schroeven aan elkaar verbonden.
June 18th, 2010 door Rianne
fietsendrager
Een nadeel is dat u niet zomaar standaard fietsendrager kunt kopen maar speciale fietsendrager die geschikt zijn om op het dak van de auto te monteren, uw lichamelijke conditie moet in orde zijn omdat u de fietsen tamelijk hoog moet tillen en vastzetten. Wilt u met de auto op vakantie dan heeft u natuurlijk wel graag voldoende laadruimte over. Veel mensen vinden het lawaai dat de wind door de fietsen veroorzaakt nogal storend en u moet er rekening mee houden dat u juist door het vangen van veel wind ook een hoger brandstofgebruik heeft. Voor u tot de aankoop van fietsendrager overgaat is het belangrijk om eerst te kijken welke fietsendrager het meest geschikt zijn voor uw auto en voor uzelf. Voor de busjes en campers met het reservewiel achterop de auto zijn fietsendrager te koop die waarmee de fiets op het wiel geplaatst kan worden. De fietsen en fietsdragers moeten onder het maximale kogelgewicht blijven. Op de fietsendrager moet u een witte kentekenplaat met het kenteken van uw auto plaatsen. Bestaat er bij een fietsdrager achterop de auto geen mogelijkheid om de fietsdrager zo te plaatsen dat de verlichting en het nummerbord goed zichtbaar blijven dan moet u een apart lichtblok kopen dat u aan de fietsdrager bevestigd. Wilt u de fietsendrager en daarmee de fietsen liever niet in het zicht vervoeren dan zijn er speciale “indoor” fietsendrager te koop. Let bij het kopen van de fietsendrager op de breedte van de wielgoten, zijn deze te breed dan kan men dit nog vaak opvullen met accessoires maar als ze te smal zijn heeft u een serieus probleem. U moet uw fietsen tamelijk hoog tillen en vastzetten. Niet alleen aan de korte uitjes is gedacht maar ook aan de sportieve vakanties. De lengte van de fiets is geen probleem omdat fietsendrager hierop ingesteld kunnen worden. Maar wat als uw auto geen trekhaak heeft. Let bij deze fietsdragers wel op de coating, een goede coating is meestal van rubber en beschermd uw auto tegen beschadigingen. De meeste fietsendrager kunnen ongeveer 50kg dragen. Steeds meer mensen in Nederland hebben een electro fiets en vooral als men naar bergachtige gebieden gaat zijn deze natuurlijk ideaal om mee te nemen.
April 23rd, 2010 door Rianne
teambuilding
Zo zal een leider die zich identificeert met een bevel en controlecontext zich automatisch een autocratische stijl van leidinggeven en teambuilding aanmeten, en zijn tijd besteden aan het toezicht houden op en het controleren van zijn mensen, om zo veel mogelijk uit hen te kunnen halen. Dit zal ongewild leiden tot een organisatie met passieve, onderdanige en afhankelijke mensen. Transformationeel leren heeft te maken met verandering van context Zo ook zal een teamlid dat haar identiteit ontleent aan het feit dat ze aardig is, er leuk uitziet en veel weet, onbedoeld vervallen in gebrek aan authenticiteit en pogingen indruk op anderen te maken, en als gevolg van snelle oplossingen en kant en klare antwoorden overhaaste conclusies trekken. Wanneer mensen hun winnende formules als vanzelfsprekend of natuurlijk en noodzakelijk zien, zichzelf willen beschermen in plaats van te willen nadenken, is de kans groot dat zij problemen zullen verhullen of negeren. Transformationeel leren houdt in dat je een verandering in de context teweegbrengt. In het geval van onze bevel en controlemanager houdt coachen misschien in datje hem in staat moet stellen de context bloot te leggen waarin hij opereert, de gevolgen daarvan te begrijpen, en dat je hem vervolgens helpt een nieuwe context te creëren die strookt met zijn doelstelling en zijn intenties.
Hij zou bijvoorbeeld zijn identiteit kunnen noemen aan een ander stelsel van bepalende waarden, zoals die van de ‘dienaarleider’. Dit is niet zomaar een intellectuele oefening, maar veeleer een emotionele aangelegenheid. Zoals Fred Kofman zegt, “Het universum genezen is een gigantische klus.”8 Voor het eerder genoemde teamlid zou de nieuwe context kunnen bestaan uit het vaste voornemen eerder goed te zijn dan er goed uit te zien, te leren in plaats van te weten, en over zichzelf na te denken in plaats van zichzelf te beschermen. Een verandering van context resulteert in nieuwe manieren van zijn, nieuwe denkwijzen en nieuw gedrag. Het blijft er niet bij dat mensen de gebreken in hun winnende formules opmerken. “De persoon die er eerst was, is er nu niet meer. De persoon die er nu is, bestond voorheen niet.”9 Leren fundamenteel andere dingen te doen Mensen kunnen door hun context te veranderen en hun winnende formules te herzien, erin slagen persoonlijk te transformeren en zichzelf ‘heruit te vinden’.
April 14th, 2010 door Rianne
oranje artikelen
In acht jaar tijd was de koningin er in geslaagd zich onmetelijk populair te maken. Ook oranje artikelen werden geliefd. Zonder daar bewust naar te streven, want ze weet hoe broos het begrip populariteit is. In het interview met Hella Haasse naar aanleiding van haar vijftigste verjaardag zei de koningin daarover: ‘Het heeft mij nooit erg veel kunnen schelen hoe ik overkwam, wat mensen er van vonden of dachten. Een veel grotere zorg is altijd geweest van: doe ik het goed, kan het beter, en doe ik in die zin wat er van mij verwacht wordt.’ De vorstin is zich er bewust van dat de monarchie slechts bestaansrecht heeft zolang het volk zich er in kan vinden. Koningin Beatrix: ‘Het koningschap vindt zijn basis toch in het gedragen worden door het volk zelf. Als mensen hier het niet meer zouden willen, of niet meer zouden voelen als bij hen horend en iets waar men zich bij thuis voelt, dan zou het niet goed functioneren.’ Gezien het enthousiasme waarmee koningin Beatrix op haar officiële verjaardagsviering telkens weer onthaald wordt, hoeft ze zich geen zorgen te maken. Op deze inleiding en de historische achtergrond, volgt een chronologische overzicht van zestien Koninginnedagen die koningin Beatrix in dertig plaatsen heeft gevierd. De oplettende teller zal op 32 uitkomen. De reden daarvan is dat er twee uitstapjes zijn meegenomen. De eerste is het defilé op paleis Soestdijk in 1987, ter gelegenheid van de viering van het gouden huwelijk van prinses Juliana en prins Bernhard, en de tweede het bliksembezoek aan de Amsterdamse vrijmarkt in 1988. De beschrijvingen per jaar worden afgewisseld met hoofdstukken over achtergronden en organisatorische aspecten.
Vanaf de tijd van koning Willem I kwam er een soort programma voor de viering van de verjaardag van de vorst. De dag begon met saluutschoten, de vlag hing uit, de koning nam een militaire parade af en maakte bij goed weer een rijtoer door de residentie. Verder was er een galadiner ten paleizen en soms werd er vuurwerk ontstoken. Koning Willem II riep de lintjesregen in het leven. Zijn opvolger Willem III ontving in zijn eerste regeringsjaren op zijn verjaardag deputaties uit de samenleving. De verjaardagen van koningin Wilhelmina groeiden als gezegd uit tot de nationale volksfeesten, die we tegenwoordig kennen. Merk- waardig genoeg toonde de koningin echter weinig belangstelling voor de feestvierende bevolking. Wilhelmina was jarig op 31 augustus en zij verbleef dan altijd op de zomerresidentie paleis Het Loo. Het kwam hooguit voor dat ze die dag een rijtoer door Apeldoorn maakte. Toch is nog onder koningin Wilhelmina het defilé geboren; niet ter ere van haar, maar van koningin-moeder Emma. In de zomermaanden resideerde zij op paleis Soestdijk. Op haar verjaardag, 2 augustus, kwamen koningin Wilhelmina, prins Hendrik en prinses Juliana haar een bezoek brengen. In 1933 vierde Emma haar 75e verjaardag. De Oranjeverenigingen van Baarn en Soest zetten die dag extra luister bij met een bloemendefilé. Dat idee is in 1949 overgenomen bij de eerste viering van de verjaardag van Juliana als koningin. Wederom waren het de Oranjeverenigingen van Baarn en Soest die de organisatie op zich namen. De viering droeg door de aanwezigheid van afvaardigingen uit het hele land een nationaal karakter. En zo is Koninginnedag tot 1980 gevierd.
March 9th, 2010 door Rianne
jacuzzi
U kunt waterdamp niet zien, maar wel voelen: het enigszins brandende gevoel op uw huid stimuleert de doorbloeding en het zweten. In de regel mogen er niet meer dan drie opgietlepels water op de stenen gegoten worden, omdat de lucht in de jacuzzi anders verzadigd raakt met kokend hete stoom. Als dat het geval is, zullen sommige jacuzzibezoekers op de Het gebruik van de vihta is hier nooit echt van de grond gekomen, vooral om hygiënische redenen. Tijdens het gebruik van de vihta dwarrelt er vreemd en eigen zweet rond, dat samen met restjes bladeren en dunne twijgjes door de ruimte vliegt. Dat is bij de extreme warmte in de jacuzzi een nogal onaangename mix. Een paar druppels etherische olie in de opgietlepel en de opgieting verandert in een geurbeleving. Een therapeutisch effect mag u hiervan echter niet verwachten. Bovendien is de geur al snel weer vervlogen. Maar het verhoogt uw gevoel van welbehagen. Denk bijvoorbeeld eens aan de betoverende geur van bloeiende rozen! Die kan u in een opwekkende en zinnelijke stemming brengen. Het aantal druppels etherische olie dat u in de opgieting doet, is afhankelijk van de concentratie en de intensiteit van de uitgezochte olie. Het hangt af van de ervaring die u tot nog toe had met een bepaalde olie, of u er liever meer of minder van gebruikt Ongeveer vier druppels per opgietlepel water zijn gebruikelijk. Door een teveel aan etherische olie kunnen de ogen gaan prikken. Gebruik etherische olie op de juiste manier! Veroorzaak liever geen explosie!
Om te voorkomen dat er zich voor uw ogen een brand van ongekende omvang ontwikkelt, druppelt u de pure olie nooit rechtstreeks op de hete stenen. Dat geldt ook voor oliemengsels uit grote plastic flessen. Het zou niet de eerste keer zijn dat een jacuzzibezoeker plotseling een steekvlam veroorzaakt en van schrik de rest van de fles ook nog erachteraan giet. Kunt u de olie alleen per soort gebruiken? Als u wilt, kunt u uw eigen mengsel samenstellen. Nadat u een van de zandlopers hebt omgedraaid, begint uw zweettijd. Op die manier hebt u de optimale controle over wanneer het tijd is de cabine weer te verlaten. Als u uw lichamelijke reacties goed kent, dan kunt u de zandloper laten voor wat hij is. Als u enigszins bevangen raakt door de in toenemende mate opstijgende warmte, dan is dat het signaal dat het woestijnklimaat langzaam onverdraaglijk wordt. Om uw bloedsomloop weer te laten wennen aan een verticale lichaamshouding, gaat u een paar minuten in een normale houding op de middelste of onderste bank zitten alvorens recht te staan. De bloeddoorstroming in de benen kunt u stimuleren door om de beurt met de voeten te wippen. Als u de jacuzzi verlaten hebt, doe dan de deur goed achter u dicht. De andere bezoekers zullen u dankbaar zijn!
February 23rd, 2010 door Rianne
wikkelfolie
Voor het veilig, vocht- en stofvrij vervoeren van goederen wordt steeds vaker wikkelfolie gebruikt. De wikkelfolie die ook wel stretch of rekfolie wordt genoemd is ideaal voor het stevig bij elkaar houden van de goederen op een pallet. In tegenstelling tot strips of wikkelbanden kan de folie niet in de dozen snijden en deze dus ook niet beschadigen. De wikkelfolie is elastisch waardoor hij strak om het geheel gespannen kan worden. Wikkelfolie is te koop als machinerollen, handrollen of als bundelfolie in verschillende kleuren, diktes en maten. Er zijn wikkelfolies met en zonder voorrek installaties. Niet op de laatste plaats zorgt het vervoer van pallets in wikkelfolie voor meer veiligheid op de werkvloer omdat het wikkelfolie als een zekering werkt zodat het een stevig, stabiel pakket vormt. De maten voor wikkelfolie geven de aantal meters aan die maximaal gehaald kunnen worden bij het spannen om de pallet, zo is 150% standaard een eenvoudige wikkelfolie zonder voorrrek installatie dit betekend dat je 1 meter kunt aanspannen tot 1,50 meter. De wikkelfolie 250% kan gebruikt worden met motorisch aangedreven voorrek installatie, hierdoor kun je met 1 meter wikkelfolie een lengte van 3,5 meter bereiken. Voor de digitaal aangedreven voorrek installatie koopt u wikkelfolie 300%, vooral voor de grotere pakketten een goede oplossing, 1 meter wikkelfolie kan uitgerekt worden tot 4 meter. Het zekeren van pallets met wikkelfolie voorkomt voor een groot deel vallen en beschadigingen aan producten.
Het voorrekken van de wikkelfolie levert meer dan alleen financieel voordeel op. Door de voorrek machine wordt het wikkelfolie strakker om de lading gewikkeld waardoor de stabiliteit hoger wordt. Het aantal wikkelfolielagen bepaald de stabiliteit, in de meeste gevallen zullen er twee of drie lagen geplaatst worden. Bij het omwikkelen met folie wordt niet alleen de lading maar ook het bovendeel van de pallet vastgezet waardoor de goederen niet meer kunnen schuiven. Door voor het wikkelen eerst een topvel op de lading te leggen beschermt u de lading tegen stof, vuil en vocht. Door uw goederen met wikkelfolie te vervoeren verkleint u de kans op diefstal. De eerste laag van het wikkelfolie wordt altijd van beneden naar boven aangebracht, dit voorkomt vochtproblemen. Nadat ook de toplaag is aangebracht wordt de wikkelfolie gesealed. Ook het sealen van de pallet bemoeilijkt eventuele pogingen tot diefstal. Het wikkelfolie heeft drie voordelen, door de stabiliteit krijgt u ladingzekering, het werkt preventief tegen diefstal en biedt bescherming tegen beschadigingen van buitenaf. Sommige bedrijven werken met een hand wikkelaar omdat de eenvoudigste en goedkoopste oplossing is. Met de hand wikkelaar gebruikt men wel meer wikkelfolie omdat het voorrekken niet mogelijk is. Het aanbrengen van de wikkelfolie gaat wel simpel, aanhechten, rond de pallet lopen en afhechten. Bij een klein bedrijf levert deze methode zeker voordelen op maar als u een groot bedrijf heeft is een machine geen verkeerde uitgave. Het gaat niet alleen sneller waardoor u meer tijd bespaard maar door het voorrekken heeft u ook minder wikkelfolie nodig waardoor u ook minder materiaalkosten heeft. Bovendien heeft u op deze manier minder afval.
February 16th, 2010 door Rianne
payrolling
De informatie is afkomstig uit de telefonische enquête onder de uitleenbedrijven en uit een aantal open vervolggesprekken met vertegenwoordigers van OR-en in deze bedrijven. Bij deze payrolling bedrijven gaat het meestal om uitzendbureaus (37%) of detacherings bedrijven (31 %). Vanuit die optiek vindt men medezeggenschapsrechten voor uitzendkrachten op dit moment dan ook niet nodig. Deze is de afgelopen jaren gestegen, namelijk van 105 dagen in 1993 tot 133 dagen in 1998 en 147 dagen in 1999 (NEI, 2000). In 1998 is bijvoorbeeld 43 procent van de plaatsingen voor één maand of korter, ligt 40 procent tussen 1 en 6 maanden en duurt slechts 17 procent van de plaatsingen 6 maanden of meer. De andere 39 vormen een onderdeel van een grotere onderneming .Indien zij dergelijke activiteiten hebben ondernomen is tevens gevraagd of zij daarmee het beoogde resultaat hebben bereikt. In de 228 inleenbedrijven waar we de uitzendkrachten onder de loupe hebben genomen, komt naar voren dat de nu aanwezige uitzendkrachten meestal tussen 1 en 6 maanden in het bedrijf werkzaam zijn. Het bedrijf kent een grote openstaande vraag naar vaste arbeidskrachten voor diverse functies in de productie, de ontwikkeling, de administratie en de ondersteuning. Eén bedrijf zegt praktisch gezien moeilijk een OR te kunnen organiseren omdat men internationaal werkt en de uitzendkrachten over verschillende landen verdeeld zijn.
Bovendien zijn er allerlei kleinere organisaties in de markt verschenen die zich zijn gaan toeleggen op hoogwaardige segmenten en niches van de markt, zoals bemiddeling van gespecialiseerde technici, internationale detacheringen, arbeidspools en mobiliteitscentra en plaatsing van specifieke doelgroepen. Gaat het daarna nog steeds naar wens, dan krijgt hij in het bedrijf een vaste aanstelling. De geïnterviewde personen die als uitzendkracht werkzaam zijn in het inlenende bedrijf, geven praktisch zonder uitzondering aan dat zij afkomstig zijn van een uitzendbureau of uitzendorganisatie. Nagegaan is onder andere waarom ze voor deze vormgeving van medezeggenschap hebben gekozen en hoe ze een en ander hebben aangepakt. Zo te zien levert deze rekruteringsstrategie van de werkgevers vaker medezeggenschapsrechten op voor (voormalige) uitzendkrachten/gedetacheerde n dan de herziening van de WOR. De 167 uitzendkrachten/gedetacheerden zijn opgespoord via de geïnterviewde inlenende bedrijven. Het zijn er de mensen niet naar. Uit de interviews met de uitzendkrachten/gedetacheerde komt naar voren dat zij veelal van mening zijn dat specifieke aandacht van uitzendbureau voor hun positie hard nodig of in ieder geval wenselijk is. Algemeen oordeel In totaal zijn telefonische interviews gehouden met 167 uitzendkrachten en gedetacheerde. Dit laatste wordt weliswaar vaak als wenselijk aangemerkt, maar niet vaak als echt noodzakelijk, terwijl voor diverse andere punten - doorstroommogelijkheden, arbeidsomstandigheden, informatievoorziening en begeleiding - steeds opgaat dat een kwart tot ruim een derde deel van de uitzendkrachten/gedetacheerde het hard nodig vindt dat de uitzendbureau hierbij aandacht hebben voor hun specifieke positie. Ook de bedrijfssector speelt hierbij geen rol van betekenis. Zodra duidelijk is dat een uitzendkracht voor een vaste plaats in aanmerking komt, wordt hij in feite behandeld als iedere andere werknemer en krijgt hij ook toegang tot de voorzieningen die de vaste medewerkers hebben.
January 20th, 2010 door Rianne
limo huren
Hoewel Bentley voornamelijk bekend was om zijn sportwagens (die de 24-uurs-race van Le Mans maar liefst vijfmaal gewonnen hadden), werd het opgekocht om de schitterende 8-liter limousine (die door de raad van bestuur van Rolls royce gezien werd als een bedreiging voor de Phantom II) de kop in te drukken. Toen Royce eenmaal de baas was, werd de productie van de bestaande Bentley modellen stopgezet en werd het merk nieuw leven ingeblazen. Hoewel alle modellen na 1933 gebaseerd zijn op bestaande limousines, hebben sommige toch een toepasselijk sportief tintje gekregen. Het 3,5-liter model was verwant aan zijn tijdgenoot de 20/25, de 4,25 aan de 25/30 en de Mark V was de Bentley versie van de Wraith. Toen in 1939 de Tweede Wereldoorlog uitbrak, was limousine’s positie als ’s werelds bekendste en meest gerespecteerde luxe auto onomstreden. Voor sommigen was alleen al het limo huren een uiting van rijkdom en succes, wat misschien gesymboliseerd werd door de op de klassieke oudheid geïnspireerde radiateur, die bekroond werd door de prachtige Spirit of Ecstasy-mascotte. De exclusiviteit van het merk werd nog vergroot door het feit dat elke limousine en Bentley van voor 1939 uniek was. Dit kwam doordat Derby, net als zo veel dure merken uit die tijd, enkel chassis bouwde. De auto werd daarna van een koetswerk voorzien door een bekende carrosseriebouwer, vaak geheel volgens de wensen van de klant. Net als de Eerste had ook de Tweede Wereldoorlog grote gevolgen voor limousine. Derby schakelde over op de bouw van vliegtuigmotoren, en hiervoor werd tevens een nieuwe fabriek gebouwd in Crewe.
Tijdens de oorlog nam limousine een voorsprong op het gebied van de straalmotortechniek en de productie werd geconcentreerd in Derby. Omdat er hierdoor geen ruimte meer was voor de auto’s, werden die vanaf 1946 gebouwd in de voormalige Merlin vliegtuigmotorenfabriek in Crewe. Ondertussen zag men in dat de aloude manier om auto’s te bouwen als een chassis dat voorzien werd van een met de hand gemaakte carrosserie, na de oorlog niet meer voortgezet kon worden. Men besloot dus om voor de meeste modellen over te stappen op de alom toegepaste methode van een carrosserie uit machinaal geperst staal. Maar dat betekende een minimumoplage van 5.000 exemplaren per model, wat in veel opzichten inging tegen limousine’s begrip van exclusiviteit. Deze nieuwe sedan-carrosserieën werden daarom toegepast op de Bentley Mark VI van 1946; de eerste zo gebouwde limousine verscheen pas in 1949. In 1955 kreeg het idee een vervolg met de echte integratie van de namen limousine en Bentley: de Silver Cloud en de S-serie modellen waren identiek, op de radiateurs na. Desondanks had Bentley een opleving meegemaakt met de speciaal ontworpen tweedeurs R-type Continental van 1952, die een carrosserie had van J.J. Mulliner en dui-delijk de sportieve inslag van het merk onderstreepte. Hij werd (als S-type) gebouwd tot 1959.
October 30th, 2009 door Rianne
uitzendbureau
Afgaande op de geluiden die de directeuren/personeelsfunctionarissen in inlenende bedrijven laten horen is er in de afgelopen 5 jaar weliswaar sprake geweest van een trend richting langer worden van de gemiddelde inleenduur van uitzendkrachten, maar tegelijkertijd geven zij signalen dat deze tien in de komende jaren zal verdwijnen of in ieder geval minder duidelijk aanwezig zal zijn. Men verwacht voor de komende jaren namelijk even vaak een verkorting als een verlenging van de gemiddelde inleenduur van uitzendkrachten. Bovendien gaat het bij de directeuren/personeelsfunctionarissen die een verlenging verwachten vooral om inlenende bedrijven waar uitzendkrachten tot nog toe voor (vrij) korte perioden, dat wil zeggen korter dan een half jaar, worden ingeleend. Bij de gedetacheerden ligt de situatie enigszins anders. Van de bedrijven die met gedetacheerden werken, geeft 14 procent te kennen dat het eerder regel dan uitzondering is dat gedetacheerden langer dan 2 jaar blijven. De herziene WOR heeft echter alleen voor uitzendkrachten medezeggenschapsrechten in de inlenende bedrijven mogelijk gemaakt. Voor gedetacheerden is dit expliciet uitgesloten.
In het kader van dit onderzoek zijn telefonische interviews gehouden met directeuren/personeelsfunctionarissen van 300 inlenende bedrijven. Daarnaast zijn telefonische interviews gehouden met 167 ingeleende krachten uit 105 van deze 300 bedrijven. Van deze 167 zeggen er 88 dat zij in het inlenend bedrijf werken als uitzendkracht en 76 dat zij in de positie van gedetacheerde verkeren. De 88 uitzendkrachten zeggen praktisch zonder uitzondering dat zij afkomstig zijn van een uitzendbureau. Het merendeel van hen geeft op daar als uitzendkracht te staan ingeschreven, terwijl een minderheid gewag maakt van een tijdelijke (26%) of vaste (5%) aanstelling bij het desbetreffende uitzendbureau. De 76 gedetacheerden geven vrijwel allemaal te kennen dat zij een vaste (55%) of tijdelijke (33%) aanstelling hebben bij het uitlenend bedrijf. Bij deze uitlenende bedrijven gaat het meestal om uitzendbureaus (37%) of detacherings bedrijven (31 %). Uitzendkrachten worden vrijwel steeds ingeleend voor het verrichten van uitvoerende en/of administratieve/ondersteunende werkzaamheden. Bij gedetacheerden is dit in mindere mate het geval. Zij worden ook nogal eens ingeleend voor specialistische en - in mindere mate - voor leidinggevende functies.
Inlenende bedrijven hebben meestal meerdere argumenten om met uitzendkrachten en/of gedetacheerden te werken. Een van de meest genoemde argumenten is dat het inlenen van werknemers tevens de mogelijkheid biedt om hieruit werknemers voor vaste aanstellingen te selecteren. Dit vindt in de praktijk ook vaak plaats. Van de bedrijven met uitzendkrachten in dienst heeft ruim driekwart in 1999 een of meer uitzendkrachten in vaste dienst genomen. Gemiddeld hebben deze bedrijven in 1999 ruim 5 uitzendkrachten in vaste dienst genomen. Van de bedrijven met gedetacheerden in dienst heeft bijna de helft in 1999 een of meer gedetacheerde werknemers in vaste dienst genomen. Gemiddeld hebben zij in 1999 één gedetacheerde in vaste dienst genomen. Deze overgang van ingeleende kracht naar vaste medewerker impliceert dat de desbetreffende personen automatisch onder de werkingssfeer van de WOR vallen en, na in achtneming van de wettelijk voorgeschreven termijn, actief en passief kiesrecht kunnen claimen. Zo te zien levert deze rekruteringsstrategie van de werkgevers vaker medezeggenschapsrechten op voor (voormalige) uitzendkrachten/gedetacheerde n dan de herziening van de WOR.
October 6th, 2009 door Rianne
auto importeren
Wij als Nederlanders hebben geen problemen om vele automerken op te noemen. Toyota, Opel, Volkswagen, Nissan, BMW enzovoort. Maar waar komen al deze auto’s nu vandaan? En wat is het hele proces achter deze auto’s. Het woord auto importeren klinkt ons bekend in de oren, maar is het ook zo eenvoudig zoals het lijkt. Om eens een simpel voorbeeld te noemen, de Toyota Prius dit is een zeer bekende auto geworden, en deze auto word ook geïmporteerd. Wij zien deze auto in de showroom staan, en als we deze auto willen kopen gaat het ons om de uitstraling, en alle kleine dingen om de auto heen. Maar deze auto heeft al een reis op zich gemaakt, die reis kan soms wel weken tot maanden duren. De accu en de auto worden op verschillende plaatsen gemaakt, daarna word de auto geïmporteerd naar een ander land toe. Van vrachtschepen tot vrachtwagens vol met deze auto’s worden verscheept en vervoerd naar andere landen. Daar sta je dan bij de auto dealer, en voor je staan een auto die geïmporteerd is. Een Simpel voorbeeld tussen door is de Toyota Aygo wanneer je deze besteld kost het soms wel zes weken voordat deze thuis is. Tegenwoordig word er onderling met Dealers gekeken, of er bijvoorbeeld nog een model bij de andere dealer staat, zodat de wachttijden kunnen worden ingekort. Maar deze gewilde auto’s hebben dus al vaak een lange reis meegemaakt, voordat ze pas in gebruik worden genomen.
Wij consumenten weten dus weinig af van auto importeren, al weten we dat in ons achter hoofd wel. Verder zit er immers geen gevaar aan. Als we mogen kiezen tussen een auto uit eigen vaderland of andere landen, kiezen we toch al vaak voor het laatste, maar waarom toch. Vrij eenvoudig techniek moet ontwikkelen en daarom gebruikten we in het voorbeeld ook de Toyota Prius, en veel besproken stuk techniek dat zich razendsnel ontwikkeld. In Japan word deze auto voor ons ontwikkeld, en wij importeren deze auto en genieten van deze wagen. Wij Nederlanders laten de auto’s voor ons ontwikkelen.Om auto’s te importeren kost dus veel tijd en bespaard veel geld. In andere landen zijn de arbeiders goedkoper, en het productie proces is vele malen goedkoper dan hier in Nederland. Vaakt lijkt het zelfs hoe dichter bij de auto bij ons eigen land word gemaakt hoe duurder de auto is, neem maar eens de BMW en de Volkswagen een Duitse auto maar vaak veel duurder dan een Toyota. Dus wij als Nederlanders hebben alleen maar voordeel bij auto’s importeren uit andere landen. En we houden er mooie wagens aan over.
Is het erg om een geïmporteerde auto te hebben, helemaal niet, we rijden ondertussen er allemaal in rond. En de Dealers kunnen je gewoon helpen bij pech en onderhoud, gelukkig hoeven we daar voor de auto’s niet weer die lange reis te laten maken, voordat ze gemaakt kunnen worden. Een korte rit naar de dealer is voldoende. Dus een import auto is zo gewoon dat we er zelf geen erg meer in hebben.
September 29th, 2009 door Rianne
kerstpakketten
In tegenstelling tot zijn hervormer zag menig protestant de kerstboom als haaks op de bijbel en als Verbeelding’ van het geloof. De kribbe en kerststal ondergingen trouwens eenzelfde lot. Katholieken van hun kant vonden de kerstboom dan weer te protestants en opteerden enkel en alleen voor het geven van kerstpakketten en het kerststalletje. Ook de toenmalige folkloristen in onze streken waren niet meteen voor de kerstboom gewonnen. Hoewel er een Germaanse mystieke sfeer rond hing, stoorde het hen vooral dat het om klinkklare import ging. De Duitse soldaten die tijdens de twee wereldoorlogen bij ons ingekwartierd waren, waren de beste propagandisten van de spar en zorgden voor de grote vlucht van deze boom. Een regelmatig terugkerende verzuchting destijds luidde: ‘Laat Duitsland zijn kerstboom en kerstkind, maar laat ons Sinterklaas’. Maar de verspreiding had zich al veel te sterk doorgezet, zodat van een weg terug geen sprake meer kon zijn. Het resultaat is dat tegenwoordig driekwart van de huisgezinnen er een plaatst. Het ‘O Tannenbaum, o Tannenbaum’ had zich meester gemaakt van onze contreien, en dat voorgoed en algemeen verbreid na de Tweede Wereldoorlog.
Het versieren van de kerstboom: kerstballen, slingers, piek Het opsmukken van onze dennenboom heeft diepere motieven dan uiterlijk vertoon. Oude heidense gebruiken liggen aan de grondslag ervan. Zoals we reeds aangaven, versierden en beschilderden onze voorvaderen in de duistere Middeleeuwen, toen men nog in boomgeesten geloofde, de kaal geworden bomen. Door de aangebrachte versieringen, door de bomen als het ware aantrekkelijk te maken, hoopte men de boomgeesten terug te lokken. Dit gebruik gaat nog verder terug in de tijd. Volgens de bijbel geschiedde het vereren van bomen onder andere door deze te versieren met bijvoorbeeld goud en zilver (Jer. 9:4). In het oude Babyion werden daartoe afbeeldingen van zon, maan en sterren gebruikt. Men zag ook heil in de slingers van bloemen als offer voor de boomgeest. Soms ging het er gruwelijk aan toe. De Kelten schrokken er bijvoorbeeld niet voor terug om dode vogels op te hangen in de zogenaamde offerboom. Of men hing er poppen in die dan fungeerden als mensenoffer. Mogelijk betrof het in een nog verder verleden zelfs echte mensenoffers.
Getuigenissen van versierde dennenbomen duiken in Europa weer het eerst op in de Duitse Elzas. In de stad Turkheim, waar zich veel wijnbouwers en kooplieden ophielden, werden aantekeningen van tussen 1597 en 1669 gevonden, waarin sprake is van het zich aanschaffen van ouwels, appelen, gekleurd papier en draad als decoratiemateriaal. Voorts zijn er in dezelfde streek meldingen van versieringen met gebak en appels. In het begin 17de-eeuwse Straatsburg werd de den met kerstavond opgesmukt met suikerfiguren, oblaten (hosties), papieren rozen en appels. Vanaf het ogenblik dat de kerstboom zijn opwachting maakte in de huiskamer, kwam er meer variëteit in de decoratieartikelen: fruit, papieren rozen, glazen kralen, snoepgoed en kaarsen. In andere streken gebruikte men houten piramides, opgebouwd uit samengebonden takken, evenals kleine boompjes, die men versierde en op de tafel plaatste. Of men hing bomen omgekeerd aan de zoldering, om die vervolgens op te smukken met kaarsen. De laatste 150 jaar hebben weer andere trends hun stempel erop gedrukt.
September 17th, 2009 door Rianne
kantoormeubelen
Indien werknemers voor bepaalde werkzaamheden bedrijfskleding gebruiken waardoor zij zich op kantoor moeten verkleden, is daarvoor een kleedruimte ter beschikking. De kleedruimte moet gemakkelijk bereikbaar zijn, voorzien zijn van gebruikte kantoormeubelen en voldoende ruim zijn. Voor mannen en vrouwen moeten aparte kleedruimten aanwezig zijn. Voor het opbergen van de kleding die men niet tijdens het werk draagt, moeten afsluitbare kledingbergplaatsen ter beschikking staan. Er moeten in het kantoor voldoende toiletten aanwezig zijn in de nabijheid van de werkplekken. Voor bepaling van het aantal toiletten gebruikte men vroeger de vuistregel één toilet op vijftien medewerkers. Op dit moment is deze regel vervallen, wel gelden de regels uit het Bouwbesluit waar het aantal toiletten wordt bepaald aan de hand van de vloeroppervlakte. De toiletten zijn, wanneer dat mogelijk is, gescheiden naar sekse. De toiletten moeten verder goed schoongehouden en geventileerd worden en voorzien zijn van wastafels om de handen te wassen na gebruik. In kantoren zal het niet vaak voorkomen dat douchegelegenheden nodig zijn. Dit is alleen het geval als de aard van de werkzaamheden of de hygiëne dit vereist, zoals bij omgang met vervuilende, gevaarlijke of biologische stoffen.
Het plaatsen van wegwijzers is in kantoorgebouwen van belang: om te verwijzen naar nooduitgangen, brandblusmiddelen, vluchtwegen en EHBO-posten volgens het Arbobesluit; om bezoekers de weg te wijzen naar de juiste persoon of afdeling; ter aanduiding van kamers, vergaderzalen et cetera (namen en/of kamernummers). Algemeen kan gesteld worden dat de instructie kort, eenvoudig en goed leesbaar moet zijn en dat de wegwijzers op een gemakkelijk waarneembare plaats moeten zijn aangebracht. Symbolen, afmetingen, kleuren en dergelijke van de tekens zijn genormeerd in NEN 6088 en in hoofdstuk 8 van de Arboregeling. Ook op kantoren vereist de veiligheid de nodige aandacht: vele kleinere ongevallen kunnen eenvoudig voorkomen worden. De meest voorkomende ongevallen in kantoren betreffen het vallen of struikelen. Zorg daarom voor: Noodverlichting, veilige trappen, slipvrije en effen vloeren, voldoende ruimte op de werkplek, voldoende ruime loop- en vluchtroutes, zonder obstakels als losliggende kabels en snoeren op de werkplek, markering van glazen wanden dan wel afscherming van deze glazen wanden tegen aanraking met werknemers veilige deuren.
Op transparante deuren moet altijd op ooghoogte een markering zijn aangebracht, terwijl klapdeuren van een transparant deel moeten zijn voorzien. Automatisch openende en sluitende deuren mogen geen gevaar voor de werknemers opleveren. Schuifdeuren moeten voorzien zijn van een beveiliging tegen het uit de rails lopen, ramen die zodanig ontworpen zijn dat ze in geopende stand geen gevaar kunnen opleveren voor de werknemers en dat ze schoongemaakt kunnen worden zonder gevaar voor de glazenwassers en voor de werknemers in het kantoorgebouw. Voor de elektrische veiligheid in kantoren wordt voor kantoren aangesloten bij NEN 1010 en NEN 3140.
Een kantoor beschikt over voldoende geschikte en goed bereikbare en gemarkeerde brandbestrijdingsmiddelen en waar nodig branddetectoren en alarmsystemen. Voor de keuze van de juiste middelen. Op basis van deze informatie moet in elk individueel geval invulling gegeven worden aan het aantal en de inrichting van de vluchtmogelijkheden en -wegen, de brandbestrijdingsmiddelen en de reddingsmiddelen. Hierbij moet ook het Bouwbesluit en de Brandbeveiligingsregeling (BBR) gevolgd worden.
July 24th, 2009 door Rianne
shutters
Hoe hoger de shutters, hoe groter dus de kastHet doek (ook wel bespanning genoemd) is in een vijftal verschillende soorten te verkrijgen. De basis is gepolyvinyliseerd glasvezeldoek. Soort 1: glasvezeldun Natte/Tamisol soort 2: glasvezel dik Serge/Satiné soort 3: verduistering Se + coating/zwart/zwart rubberdoek soort 4: soltis dun 86, voor gespannen/door gesmolten doek soort 5 soltis dik 92, voor gespannen/door gesmolten doek De keuze van het soort doek is afhankelijk van de vraag, hoeveel licht men wil weren, hoeveel doorzicht men wil houden en de treksterkte. Het doek is in veel verschillende kleuren te verkrijgen. De onderlat hangt onder aan het doek en wordt geleid door de zijgeleiding (profiel of spandraad). In de onderlat wordt als verzwaring een staf (staal) aangebracht voor windvastheid. Doordat het gewicht van de shutters laag is, is het eenvoudig om hem met de hand te bedienen. In kantoorgebouwen worden ze echter vaak met buismotoren uitgerust, zodat ze centraal bediend kunnen worden. Bediening gebeurt meestal van binnenuit. Band/koordbediening, handmatige bediening door middel van een lint/band op een haspel met veer (waardoor het lint automatisch oprolt). Dit is de meest toegepaste bediening bij shuters.
Elektrische bediening: het bedienen gaat door middel van een motor die elektrisch aangedreven wordt. De motor zit in de oprol as. We noemen een dergelijke motor een buismotor. De bediening van de motor gaat door middel van een op neer schakelaar die op de muur wordt gemonteerd. Binnen mono-commando/buiten oogwindwerk, het bedienen gaat door middel van een stang met een slinger. Koord/staaldraad, het bedienen gaat door middel van een koord of staaldraad dat op een liertje zit. Dit wordt weinig toegepast, maar heeft als voordeel dat de draad onder een bepaalde hoek de geleiding in kan. Dit in tegenstelling tot het band dat recht de geleiding in moet. De shutters wordt meestal in de dag, op het kozijn geplaatst. De shutters wordt bevestigd aan het gebouw, door middel van de zijgeleiders of door middel van de bovenbak. Montage met dragende zijgeleiders Bij montage door middel van zijgeleiders wordt de geleider op de bouwkundige constructie bevestigd door middel van schroeven (plaatschroeven). Bij een steenachtige ondergrond wordt de geleider door middel van een plug bevestigd. De afstand van de schroeven mag maximaal 500 mm bedragen. Zijn de geleiders goed gemonteerd, dan schuift men de bovenbak gewoon op de geleiders. Bij montage moet goed rekening gehouden worden met mogelijk uitstekende delen van het hang- en sluitwerk van de bewegende delen in het kozijn. Bij montage in de dag worden gaten geboord door de strip van de geleider en dan vastgezet met een schroef waarop een dopje past. Montage op een kunststof of aluminium kozijn gebeurt door middel van een klikblokje dat vooraf op het kozijn is gemonteerd of als boven omschreven.
July 15th, 2009 door Rianne
trouwringen
Beginjaren dertig deden zich echter nog geen opvallende veranderingen voor in de vormgeving van de sieraden zelf. Uit de schaarse berichten, en vooral uit de toon van deze berichten, komt duidelijk naar voren dat het Nederlandse werk in de jaren dertig over het algemeen bescheiden van aard was. De invloed van de economische crisis is eerder aantoonbaar in teksten uit die tijd dan in de trouwringen zelf. In het vakblad Goud en Zilver was de zilvercrisis rond 1930 een terugkerend thema. In het nummer van januari 1930 werd een artikel gewijd aan de dalende zilverprijs die toen, na een voortdurende daling in 1929, een nieuw laagterecord had bereikt. De oorzaken hiervoor lagen ver buiten Nederland; er was een overaanbod gecreëerd door de ‘abnormale politieke gebeurtenissen in China’ en de verkopen van ‘ontmunt zilver onder meer door de Britsch-Indische regering’. In de daaropvolgende nummers kwam het thema regelmatig terug. In het nummer van mei 1931 met de titel ‘Crisis en Malaise’ werd een pleidooi gehouden om een resolutie uit 1914 weer in te voeren. Toen mocht men onverkoopbare goederen omsmelten om beter verkoopbare artikelen te vervaardigen, zonder dat er waarborgbelasting betaald hoefde te worden. Dat had resultaat, zij het met enige vertraging. Onder verwijzing naar de crisistijd werd op 13 september 1934 toegestaan om onverkoopbare nieuwe voorwerpen bij het waarborgkantoor te laten verbreken tegen teruggaaf van de waarborgbelasting, die verrekend zou worden met de belastingen die voor nieuw gemaakte goederen betaald moesten worden.
Ondertussen was de zilverprijs echter weer stabiel en er was ook rust op de goud- en platinamarkt. Maar de lamlendige mentaliteit in het vak bleef; hij werd samengevat in een tekst in vette letters in het meinummer van 1932, die met zijn zwarte omkadering als een rouwadvertentie aandeed.29 Ook in de nummers van juli en augustus 1932 werden hoofdartikelen gewijd aan de economische depressie en het vak. Pas in december 1933 kwam de propagandacommissie met haar rapport uit, waarin de plannen voor de vakpers, de dagbladen en andere media werden toegelicht om het vak de broodnodige impulsen te geven. Als slagwoord had men voor de volgende tekst gekozen: ‘Echt zij uw sieraad – gouden trouwringen.’ Deze actie werd ondersteund door een advertentiecampagne in 6 grote dagbladen. Voor de eerste foto werden sieraden en zilverwerk ‘in de sfeer van feestelijkheid’ geselecteerd, namelijk een feesttafel, gedekt met zilveren bestek en opgeluisterd met zilveren kandelaars. Een dame met een monumentale hanger en verschillende armbanden kwam gedeeltelijk in beeld, terwijl aan het manchet van de heer naast haar nog zijn trouwringen zichtbaar waren. De huiselijke gezelligheid, de vlotte allure van het sportleven en de man in de zakenomgeving zouden ook nog aan de beurt komen. Het eerste deel van het bedrag dat nodig was voor het opzetten van deze campagne was bijeengebracht door het invoeren van een spaarsysteem met zegels die door de leden werden gekocht.